MODEL SCHORSINGSVERZOEK ZFW

Dit schorsingsverzoek is bedoeld voor diegenen, die nog geen uitspraak op bezwaar hebben gekregen. Voor diegenen, die in beroep gaan tegen de uitspraak op bezwaar is een nieuw schorsingsverzoek beschikbaar.

Degenen die een bezwaarschrift hebben ingediend zijn gerechtigd een verzoek in te dienen om de beschikking van de belastinginspecteur waarin staat dat ze zich moeten aanmelden bij het ziekenfonds te schorsen. Het verzoek moet ingediend worden bij het gerechtshof waaronder de woonplaats valt. Er zijn vijf gerechtshoven: Amsterdam, Den Bosch, Arnhem, Leeuwarden en Den Haag. U kunt bij uw klantmanager van de belastingdienst navragen onder welk gerechtshof u valt en wat het postadres hiervan is.

Dit schorsingsverzoek is er op gericht om de schorsingen zonder verdere zitting af te wikkelen. Je zult de tekst van het model altijd aan moeten passen aan je specifieke situatie.
Als je zelf je schorsingsverzoek wilt indienen, maak dan gebruik van mijn model en let daarbij op het volgende:

  1. Zorg dat je eerst een bezwaarschrift hebt ingediend. Als dit niet het geval is volg dan deze procedure. Bij het gebruik van het model schorsingsverzoek moet je gebruik hebben gemaakt van mijn modelbezwaren in je bezwaarschrift. Heb je reeds een bezwaarschrift ingediend, dan kun je de daarin opgenomen bezwaren per brief nu alsnog aanvullen met de bezwaren zoals ik die op het internet heb gepubliceerd. Zie http://www.monitor.nl/extra/bezwaar.htm
  2. Voor het indienen van een schorsingsverzoek is een griffierecht verschuldigd van circa Fl. 60,-. Betaal je dit niet dan wordt je verzoek afgewezen. Wijst de rechter het schorsingsverzoek toe dan krijg je dit bedrag terug. Het kan zelfs zo zijn dat je het bedrag ook terugkrijgt als de rechter het schorsingsverzoek toch afwijst.
  3. Voeg bij het schorsingsverzoek een kopie van de beschikking en een kopie van het bezwaarschrift. Als je dit al binnen hebt kun je tevens een kopie meesturen van de ontvangstbevestiging van het bezwaarschrift.
  4. Vermeld op het schorsingsverzoek de datum, je naam, je adresgegevens en vergeet niet om te ondertekenen.
  5. Verstuur het schorsingsverzoek per aangetekende post.
Indien je besluit om je te laten vertegenwoordigen door een jurist is het goed om te weten dat als je de zaak wint (lees: als de rechter het schorsingsverzoek toewijst) de rechter de Staat zal veroordelen in de proceskosten. Hij wijst dan een bedrag toe variërend van Fl. 750,- tot Fl. 1.500,-. Als je de zaak wint kost het je dan dus niets. Een dergelijke proceskostenveroordeling krijg je niet als je zelf procedeert.


Dennis Schulinck
dennis@schulinck.nl
http://www.schulinck.nl/ZFWstart.htm


Op http://www.monitor.nl/ziek.html staat een uitgebreid overzicht van de standpunten van diverse betrokkenen en van perspublicaties. Met de nodige nuttige E-mail adressen voor het versturen van een vlammend protest.

Dit document is ook beschikbaar in Word 97-formaat.



Gerechtshof PLAATS
Belastingkamer
T.a.v. de president
ADRES
POSTCODE EN PLAATS


Datum: DATUM
Bijlage(n): 3
Onderwerp: Verzoek tot het treffen van een voorlopige voorziening



Geachte president,

Op DATUM INDIENEN BEZWAARSCHRIFT heb ik een bezwaarschrift ingediend tegen de aan mij gerichte beschikking van de inspecteur van de belastingdienst van DATUM BESCHIKKING met kenmerk Acc/99/009a welke ertoe strekt om mij verplicht te verzekeren tegen ziektekosten op grond van artikel 3d van de Ziekenfondswet zoals die komt te luiden per 1 januari 2000 als gevolg van de inwerkingtreding van de Wet van 28 oktober 1999, houdende uitbreiding van de kring van verzekerden ingevolge de Ziekenfondswet met zelfstandigen voor wie, gelet op hun inkomen, toegang tot de sociale ziektekostenverzekering is aangewezen en tijdelijke wijziging van de indexering van de loongrens alsmede wijziging van de Wet op de inkomstenbelasting 1964 (Stb. 1999, 461), hierna te noemen Wet zelfstandigen in het ziekenfonds. Deze beschikking, mijn bezwaarschrift alsmede het bewijs van indiening hiervan zijn in afschrift bijgevoegd.

Gelet op het bepaalde in artikel 27 van de Algemene wet inzake rijksbelastingen juncto artikel 8:81 van de Algemene wet bestuursrecht (hierna te noemen Awb) verzoek ik u om bij wijze van voorlopige voorziening te bepalen dat de werking van het in de voornoemde beschikking vervatte besluit in afwijking van artikel 6:16 Awb met onmiddellijke ingang wordt geschorst totdat door de inspecteur voornoemd een besluit is genomen naar aanleiding van het hiertegen ingediende bezwaarschrift.
Daarnaast verzoek ik u om met toepassing van de artikelen 8:75 en 8:82 Awb de Staat der Nederlanden te veroordelen om aan mij te vergoeden:

  1. het door mij betaalde griffierecht, en
  2. de door mij in het kader van de indiening van het onderhavige verzoek gemaakte en nog te maken kosten, bestaande uit reiskosten en verletkosten.
Gelet op de jurisprudentie van de gerechtshoven met betrekking tot eerdere verzoeken in vergelijkbare zaken verzoek ik u deze zaak af te doen zonder zitting.

De gronden van mijn verzoek luiden als volgt:
  1. De beschikking waarvan hier wordt gevraagd de werking te schorsen is onbevoegd genomen (zie President Gerechtshof Amsterdam 22 december 1999, nr. 99/03882 en President Gerechtshof 's-Hertogenbosch 28 december 1999, nr. 99/30463). Dit betekent dat in beginsel verder niet meer van belang is of er sprake is van een spoedeisend belang. Uit de parlementaire geschiedenis van de Algemene wet bestuursrecht, in het bijzonder de Memorie van Antwoord, blijkt immers dat indien de onrechtmatigheid van het besluit vast staat er daarmee reeds voldoende grond is voor het treffen van een voorlopige voorziening. Een belangenafweging hoeft dan niet meer plaats te vinden.
    Mocht u echter toch van mening zijn dat er nog reden is om aandacht te besteden aan de vraag of er sprake is van een spoedeisend belang dan ben ik van mening dat dit wel degelijk het geval is.
  2. Het treffen van een voorlopige voorziening is noodzakelijk nu onverwijlde spoed dit gelet op mijn belangen vereist. Er kan niet gewacht worden op de afhandeling van het geschil in bezwaar.
    De in bezwaar bestreden beschikking strekt ertoe om mij verplicht te verzekeren tegen ziektekosten op grond van de Ziekenfondswet. Indien hieraan gevolg wordt gegeven dan dien ik me voor 1 maart 2000 aan te melden bij een zorgverzekeraar die de Ziekenfondswet uitvoert onder gelijktijdige opzegging van mijn lopende particuliere ziektekostenverzekering. Bij gegrondverklaring van het bezwaarschrift zal ik deze handelingen ongedaan moeten maken. Met andere woorden: ik zal me opnieuw bij een particuliere ziektekostenverzekeraar moeten verzekeren. Gelet op de polisvoorwaarden die particuliere ziektekostenverzekeraars hanteren is dit laatste alleen mogelijk tegen slechtere voorwaarden dan mijn reeds lopende particuliere verzekering. Zo zal ik jaarlijks een hogere premie moeten betalen dan nu het geval is als gevolg van het feit dat ik me op een hogere leeftijd dan voorheen opnieuw particulier moet verzekeren. Daarnaast kunnen er zich verzekeringstechnisch acceptatieproblemen voordoen indien ik, voordat de inspecteur een besluit heeft genomen op het bezwaar, te maken zou krijgen met zware medische problemen, ongeacht de oorzaak hiervan,
    Het is dus niet mogelijk om bij gegrondverklaring van het bezwaar de rechtsgevolgen van het bestreden besluit volledig ongedaan te maken. Weliswaar kan een schadevergoeding worden toegekend, doch de hoogte hiervan is in feite niet te bepalen nu deze afhankelijk is van een aantal onzekere toekomstige omstandigheden, waaronder het moment waarop ik kom te overlijden. Immers, de slechtere voorwaarden waaronder ik na gegrondverklaring van het bezwaar een nieuwe particuliere ziektekostenverzekering zal moeten afsluiten, zullen tot in lengte van jaren blijven voortduren. In dit verband is mede relevant dat artikel 25, eerste lid, van de Algemene wet inzake rijksbelastingen bepaalt dat de inspecteur niet gebonden is aan de gebruikelijke termijn van 6 weken om een uitspraak te doen op mijn bezwaarschrift maar dat hij in afwijking van artikel 7:10 Awb hier een jaar de tijd voor heeft. Dit maakt de risico's alleen maar groter.
    Tegenover mijn belang zoals hiervoor omschreven staat het belang van de Staat der Nederlanden om zelfstandigen met een laag inkomen tegen ziektekosten te verzekeren en daarvoor premies te innen. Doel van de Wet zelfstandigen in het ziekenfonds is, kort samengevat, het tegen betere voorwaarden verzekeren tegen ziektekosten van zelfstandigen met een laag inkomen. Indien ik me als gevolg van een schorsing van het besluit niet onmiddellijk via de Ziekenfondswet tegen ziektekosten verzeker, wordt het belang van de Staat der Nederlanden echter op geen enkele wijze geschaad. Immers, zelfstandigen met een laag inkomen kunnen zich nog steeds bij het ziekenfonds verzekeren en ik kan achteraf nog steeds met terugwerkende kracht premie gaan betalen. Conclusie moet dan ook zijn dat mijn belang niet alleen spoedeisend is, maar ook prevaleert boven dat van de Staat der Nederlanden.

    Een eventueel verweer van de belastinginspecteur inhoudende dat er geen sprake is van een spoedeisend belang nu het bij vrijwel alle ziektekostenverzekeraars mogelijk is om na een periode van 1 tot 3 drie jaar ziekenfondsverzekering terug te keren naar de oude particuliere polis is mijns inziens in strijd met de wet. Dergelijke terugkeerregelingen gelden namelijk alleen indien de verzekerde de ziekenfondsverzekering aangaat bij de verzekeraar waarbij hij nu reeds particulier verzekerd is. Er zijn echter vele ziektekostenverzekeraars die de Ziekenfondswet uitvoeren. Deze hebben ieder eigen voorwaarden voor wat betreft aanvullende verzekeringen en (nominale) premies. Het is dus zeer goed mogelijk dat de verzekeraar met de voor mij meest gunstige voorwaarden voor ziekenfondsverzekering (inclusief aanvullende verzekeringen) een andere is dan de verzekeraar bij wie ik nu particulier verzekerd ben. Op grond van de Ziekenfondswet heb ik zelfs het recht om zelf te kiezen bij welke verzekeraar ik me voor het ziekenfonds wil verzekeren. Hieruit volgt dat er per saldo geen terugkeergarantie bestaat en dat een eventueel beroep hierop door de belastingdienst in strijd is met de wet.
  3. De besluitvorming vertoont dermate ernstige gebreken dat gezegd moet worden dat de inspecteur voornoemd tegen beter weten in een onrechtmatig besluit heeft genomen. Het kan derhalve niet zo zijn dat de rechtsgevolgen van dit besluit in werking treden voordat inhoudelijk op mijn bezwaren is gereageerd. Voor wat betreft de bezwaren tegen de rechtmatigheid van het besluit verwijs ik hier naar de gronden van het bezwaar zoals die zijn verwoord in mijn bezwaarschrift.
Hoogachtend,

HANDTEKENING

NAAM
ADRES
POSTCODE EN WOONPLAATS


Bijlagen:
1. kopie beschikking belastingdienst.
2. kopieën bezwaarschrift en eventueel later ingediende stukken.
3. Kopie bewijs indienen bezwaarschrift (ontvangstbevestiging of bewijs aangetekend verzenden).

Lees het laatste nieuws op http://www.monitor.nl/ziek.html!