| Bron: Bulletin Quotidien EuroPolitics www.europadecentraal.nl/content/2287/Richtlijn_grensoverschrijdende_gezondheidszorg_van_tafel.html """ De richtlijn "Rechten van patiënten bij grensoverschrijdende gezondheidszorg" (COM 2008/414) is in de vergadering van de Raad van gezondheidsministers van dinsdag 1 december niet aangenomen. Een blokkerende minderheid, bestaande uit Spanje, Portugal, Polen, Griekenland en Roemenië, heeft een overeenstemming tegengehouden. De zestien andere lidstaten waren bereid tot een politieke overeenstemming op basis van het voorstel van het Zweedse voorzitterschap. De grote problemen in de vergadering van de gezondheidsministers lagen bij de inclusie van de vergoeding van niet-gecontracteerde gezondheidszorgaanbieders in de tekst en bij de definitie van 'lidstaat van aansluiting' ( dit gaat om welk land zou moeten betalen voor gepensioneerden die in een andere lidstaat wonen en zorg krijgen in een derde land). Minister Klink benadrukte tijdens de vergadering dat de omzetting van de uitspraken van het Europese Hof in Nederland al in 2006 zonder problemen is afgerond. De omzetting blijkt effectief te zijn zonder dat het zorgstelsel is verstoord. Andere lidstaten als Denemarken en Tsjechië bevestigden de complexiteit van het dossier, maar zagen een politieke overeenkomst als noodzakelijk om voortgang te maken. Het mocht niet baten; de zes landen bleven onvermurwbaar. Er is nu sprake dat de Europese Commissie het hele voorstel voor de richtlijn terugtrekt. Dit leidt er waarschijnlijk toe dat het Europese Hof de regels voor vergoeding van grensoverschrijdende zorg door middel van jurisprudentie vorm zal geven. Spanje zal vanaf 1 januari de voorzittershamer van de Raad overnemen. De Spaanse gezondheidsminister heeft toegezegd dat de onderhandelingen zullen doorgaan. Echter, Spanje plaatst meerdere vraagtekens bij dit dossier en verwacht wordt dat het minimaal zes maanden duurt voordat er weer beweging in komt. Europees Commissaris voor gezondheid Androulla Vassiliou is teleurgesteld. Ze vond een overeenstemming noodzakelijk. Dat de richtlijn nu niet is aangenomen, valt maar moeilijk uit te leggen aan de burgers van de EU. """" Zo zien we wat democratie inhoudt: Een heel Europarlement beslist anders, maar een paar ministers (Klink incluis – het zesde land) weten de zaak te saboteren. In reactie op de tekst hierboven: Wat Klink trouwens al niet onder "zonder problemen" (!) verstaat: Invoeren van een heel nieuw zorgverzekeringsstelsel, en van DBC's die de prijs voor een behandeling kunstmatig zo maakt dat je er bekaaid dreigt af te komen als je gebruik maakt van de veelal betere zorg in de omringende landen. Met de zinsnede "dat de omzetting van de jurisprudentie effectief is geweest" kan hij dan ook enkel bedoelen dat Hoogervorst en hij er in geslaagd zijn om de Nederlandse verzekerde – ondanks die door de jurisprudentie geboden vrijheid – onverkort te verplichten genoegen te nemen met de schrale zorg die binnen de grenzen van NL wordt geleverd, en af te houden van wat hij eigenlijk – als de verzekerde die de hoogste premie van heel Europa betaalt – voor zoveel geld zou mogen verwachten. Klink kan in elk geval blij zijn dat hij zich, als een ware Pontius Pilatus, de handen in onschuld kan wassen, en zich in de Kamer kan verschuilen achter landen als Polen, Roemenie en Griekenland, waar de zorg soms bijna net zo beroerd is als hier in NL. Clipper |
| misschien is het voor deze landen gewenst om een anti toerisme actie te beginnen en ze te laten weten dat we dan ook geen prijs meer stellen om ze te bezoeken. |
| Op 2 december jl heb ik op de ZVW Uitpandigen pagina een item geplaatst "Gezondheidstoerisme" volgens Spanje. Ik had het op de pagina van de Spaanse vereniging willen doen, maar daar kom ik altijd in de knoop met lettertekens en wat niet al. Ik heb een link gegeven naar de Spaanse/Catalaanse krant La Vanguardia voor diegenen die erin geinteresseerd zijn. Volgens mij heeft Spanje een groot gedeelte van de Europese boterberg (is die er trouwens nog?) op zijn hoofd. |
| Ik woon in Nederland en ben in grens-overschrijdende zorg geinteresseerd omdat ik meer vertrouwen heb ik de dokters in Belgie. Volgens de basisverzekering heeft iedereen die woont of verblijft in een ander land recht op zorg in dat land, VOLGENS HET WETTELIJK VERZEKERINGSPAKKET VAN DAT LAND. Ik heb een paar vragen. 1. Is dit een oplossing voor het probleem van de vergoeding in het buitenland die gerelateerd wordt aan de nederlandse dbc-prijzen? (want Clipper schrijft dat de DBC's schuldig zijn aan de problemen met zorg in het buitenland, en ik denk dat als je zorg afneemt via het "wettelijk verzekeringspakket van dat land" dat je dan niet met de prijzen in nederland te maken hebt": je krijgt dan namelijk een vergoeding/c.q. je betaalt een eigen bijdrage zoals dat in dat land voor de eigen inwoners geldt) 2. Is spoed een vereiste om van deze polisvoorwaarde gebruik te mogen maken (maw mag ik gedurende 'n vakantie een buitenlandse specialist raadplegen, zonder dat er spoed is). |
| Lidewij. Als je in het buitenland iets overkomt waardoor je medische zorg nodig hebt (dit heet: spoedeisende hulp in het buitenland), dan dekt de verzekering de kosten daarvan voor zover die kosten ook zouden zijn gemaakt voor iemand die in dat betreffende land woont en daar volgens het wettelijk verzekeringsstelsel van dat land verzekerd is. Om de kosten laag te houden zal je verzekeraar je overigens zo gauw als mogelijk naar Nederland zien te krijgen. Daarbij geldt bovendien: De verzekerde moet niet te veel wennen aan de veelal uitmuntende zorg in andere EU-landen. "Zet maar op een gipsvlucht", is dus de redenering. Het zal ook duidelijk zijn dat je verzekeraar alles op alles zal zetten om – als het maar even mogelijk is – aan vergoeding te ontkomen door te stellen dat er helemaal geen sprake was van spoedeisende hulp, en jou zal laten bewijzen dat dat wel zo was. Elke dag dat hij de euro's die jou toekomen in eigen zak kan houden, is er weer een, tenslotte. En misschien neem je – na dreigen met een procedure – wel genoegen met een "coulance-vergoeding, en dan maakt de verzekeraar zelfs winst. Verzekeraars blijven tenslotte een van de grotere werkverschaffingsinstituten in ons land, die heel veel mensen van de straat weten te houden. Iets anders is het met de planbare zorg. Daarbij ga je naar een specialist of ziekenhuis in een andere Lid-staat om daar de behandeling te ondergaan. Tot 2006, dus voor het invoeren van het zorgstelsel zoals we dat nu kennen, moesten in dat geval alle kosten worden vergoed. Met de invoering van het zorgstelsel is dat op twee manieren beperkt (en dat is ook de reden waarom de nieuwe zorgverzekeringswet er kwam): Door aan het "gewone volk" een naturapolis aan te smeren, werden degenen die daar intrapten verplicht hun zorg af te nemen bij een gecontracteerd zorgaanbieder, en zelf de extra-kosten voor hun rekening te nemen als die hoger waren als die van gecontracteerde zorg. Bij de restitutiepolis ben je wel vrij om een specialist of ziekenhuis, waar dan ook in Europa te kiezen, maar wordt de vergoeding veelal beperkt tot het zgn "marktconforme tarief". Voor een ziekenhuisbehandeling dien je voorts vooraf wel toestemming te vragen, en verzekeraars weten er bijna altijd wel wat op te verzinnen om je die te weigeren. Het gaat tenslotte niet om jouw geziondheid, maar om hun winst en de werkverschaffing. De adder zit hem er in dat dat marktconforme tarief helemaal niet marktconform is (want in de ons omringende landen is zorg veelal veel goedkoper, ondanks de betere kwaliteit) maar gelijk wordt gesteld aan de DBC-tarieven, die op een gekunstelde wijze zo zijn gemaakt dat de Nederlands verzekerde toch bijna altijd duurder uit is als hij naar en specialist of ziekenhuis in Belgie of Duitsland gaat. Zo wordt je dus "legaal" van goede zorg tegen een betaalbare prijs afgehouden. Dat mag niet, is althans in strijd met het EU-recht, en vandaar dat de klacht tegen de DBC-praktijken zich daarop richt. |
| Vanaf 1 mei 2010 wordt Vo883/2004 van toepassing. Dan zal binnen de EU de zorgverlener bepalen of hulp "noodzakelijk "is, niet de verzekreaar of enig zogeheten bevoegd orgaan voor degenen die tijdelijk verblijven in het buitenland (de term is nu al niet "spoedeisende" zorg, maar "noodzakelijke" zorg.. Dwang tot vervroegd terugkeren (naar het woonland) is nu, onder Vo1408/71, reeds niet toegestaan (binnen de EU), en dat blijft zo. Voor een noodzakelijke ziekenhuisbehandeling tijdens verblijf in het buitenland is geen toestemming nodig, voor een behandeling waartoe speciaal de reis naar het buitenland ondernomen wordt (geplande haalzorg) wel. |
| Jan, Even in het midden latend of de door jou genoemde verordening (die bij mijn weten al vanaf 2004 van kracht is) pas vanaf 1 mei a.s. van toepassing wordt (artikel 23 ??), is door de weigering van de Raad van 1 december jl. om het voorstel voor de richtlijn Grensoverschrijdende Zorg aan te nemen, de rechtspraak van het Hof van Justitie der EU weer opportuun geworden. In dat verband wil ik opmerken dat naar mijn opvatting het toestemmingvereiste (dat werd neergelegd in de arresten Smits Peerbooms en Muller Faure, dus voor 2004) geen stand meer kan houden bij het Hof. Het Hof is er immers bij die arresten van uit gegaan dat – wanneer het toestemmingvereiste niet zou gelden – dat een "verstoring van het financiele evenwicht en de planning van ziekenhuisvoorzieningen" tot gevolg zou kunnen hebben. Dat werd bij die procedures door o.a. Nederland aangevoerd. En dat rechtvaardigt vervolgens – nog steeds: volgens het Hof – een inbreuk op de vrijheden, en dus het hanteren van het toestemmingvereiste. Uit mij recent onder ogen gekomen stukken is echter gebleken dat het "zorgtoerisme" zo gering is dat voor een dergelijke verstoring van het financiele evenwicht niet behoeft te worden gevreesd, en de intervenierende Lid-Staten dus gewoon flauwekul verkochten. Ook bleek uit die stukken dat het geen verschil maakt of men nu wel of niet het toestemmingsvereiste hanteert: de (geringe) omvang van het zorgtoerisme neemt niet beduidend toe als het toestemmingsvereiste niet wordt gehanteerd. Ik heb dan ook bij de minister een WOB-verzoek ingediend om mij de recente cijfers ten aanzien van het zorgtoerisme te overleggen c.q. inzage daarin te verschaffen. In eventuele procedures zal m.i. daarmee in elk geval vooralsnog kunnen worden vastgehouden aan het uitgangspunt dat er – achtreraf bezien – in het geheel geen rechtvaardigingsgrond voor de inbreuk op de vrijheid van dienstverlening en goederenverkeer bestaat. Toestemming vragen en verlenen is derhalve tenminste discutabel. Het Wob verzoek luidt (geanonimiseerd): De Minister van Volksgezondheid Welzijn en Sport Zijne Excellentie Dr. A. Klink t.a.v. de weledelgestrenge Vrouwe mr., directoraat Wetgeving en J.Z. Postbus 20350 2500 EJ DEN HAAG per fax: 070 – per e-mail: @ minvws.nl Inzake: WOB-verzoek inzake omvang vergoedingen planbare zorg Buitenland Kenmerk: Uw kenmerk: Datum: 2010. Excellentie, Naar u bekend is de Richtlijn Grensoverschrijdende Zorg er vanwege de opstelling van de Raad van Ministers op 30 november en 1 december 2009 niet gekomen. Van de Lid-Staat Nederland is bekend dat zij in het afgelopen decennium alles in het werk heeft gesteld om “zorgtoerisme” te ontmoedigen, en daartoe zelfs zover is gegaan een geheel nieuw stelsel van zorgverzekering op te werpen, en een gekunsteld stelsel van tariefering (DBC’s) die verzekerden dienen te ontmoedigen gebruik te maken van zorg in een andere EU-lidstaat. Als achtergrond daarvoor speelt met name dat het zorgaanbod in Nederland als zeer schraal en karig moet worden bestempeld in vergelijking met het aanbod in vergelijkbare andere Lid-Staten, en er, vanuit die wetenschap, een – mijns inziens overigens ongefundeerde – vrees heerst bij beleidsmakers en politici voor een grote vlucht van verzekerden naar zorgaanbieders in met name de buurlanden, waar het zorgaanbod in zowel kwalitatief als kwantitatief opzicht aanzienlijk veel beter is, en gemakkelijker bereikbaar. Daarnaast speelt dat “gezondheidszorg” hier te lande op de eerste plaats als een werkverschaffingsproject wordt gezien voor met name niet-medisch geschoolden, waardoor de bijdragen die verzekerden in de vorm van nominale premie en inkomensafhankelijke bijdragen leveren, enerzijds “pro kopf” de hoogste zijn van de hele EU, maar anderzijds, juist door die nadruk op werkverschaffing, maar voor een zeer gering deel worden aangewend voor het medisch handelen zelf (“handen aan bed”, “cure””) en voor het overgrote deel aan andere kosten (aan “kermis”, het instandhouden van verzekeringsbedrijven, of “organisatiekosten” – u bent vrij de naar uw mening best passende betiteling te kiezen) die men – in negatieve bewoordingen – als honorering van feitelijk nuttelozen kan bestempelen, of, in meer positieve zin, als een werkverschaffingsubsidie vanuit het adagio dat het doel van regeren op de eerste plaats het mensen van de straat houden is, en in die zin succesvol. Als gevolg van het niet tot stand komen van de genoemde richtlijn is de jurisprudentie van het Hof van Justitioe der EU weer opportuun, en in dat kader – en met name ter toetsing of de Lid-staat Nederland c.q. zorgverzekeraars hier te lande wel een beroep toekomt op een van de uitzonderingsgronden die het hanteren van een toestemmingsvereiste voor planbare intramurale zorg in een andere Lid-staat rechtvaardigen (“verstoring financieel evenwicht en planning”) – zou ik van u graag informatie ontvangen omtrent de huidige omvang van het “zorgtoerisme” (kosten van intramurale planbare zorg verleend in andere Lid-Staten aan in Nederland woonachtige verzekerden, en het aantal van hen) uitgesplitst naar gecontracteerde en niet gecontracteerde zorgaanbieders. Het komt mij voor dat deze kosten en aantallen – percentsgewijs – dermate gering zijn dat voor het hanteren van het toestemmingsvereiste door zorgverzekeraars de door het Hof in haar jurisprudentie neergelegde rechtvaardigingsgrond ten enenmale ontbreekt. Ik baseer mij daarbij op gegevens zoals die eerder door de Secretaris Generaal van de Raad aan de leden van het Europees Parlement werden verstrekt in het document: http://www.europarl.europa.eu/comparl/imco/services_directive/background7_cm10_nl.pdf Ik voeg dat als bijlage bij. In dat document wordt onder VI opgemerkt: VI. Wat zijn de socio-economische implicaties van de mobiliteit van patiënten? Het werkdocument van 28 juli 20042 omvatte socio-economische gegevens in verband met de mobiliteit van patiënten. Te oordelen naar de cijfers verstrekt door de lidstaten is de mobiliteit van patiënten momenteel verwaarloosbaar klein. De meeste medische behandelingen die in een andere lidstaat worden ondergaan vallen onder de toestemmingsformulieren voorzien door Verordening 1408/71 en, in het geval van behandeling die vrijwillig in een andere lidstaat wordt ondergaan, het formulier E-1123. Het grootste aantal patiënten uit andere EU-lidstaten die in een enkele lidstaat werden behandeld krachtens het formulier E-112 was 14.061 in 2000 en kostte € 25.907.697. Er zijn over het algemeen weinig aanvragen voor toestemming voor behandeling in een andere lidstaat, en er zijn slechts twee landen die er meer dan 10.000 ontvangen. In de lidstaten die hun wetgeving hebben gewijzigd teneinde extramurale zorg terug te betalen zonder voorafgaande toestemming en relevante gegevens te verzamelen, waren de opgegeven bedragen onbeduidend: in het land met het hoogste aantal verzekerde personen die in het buitenland extramuraal verzorgd werden, betrof het 58.030 personen per jaar – dat komt overeen met iets meer dan 1% van het totale aantal verzekerde personen. Deze lidstaat geeft € 3.445.470 – of 0,03% van zijn socialezekerheidsbegroting – uit aan dergelijke zorg. Hoewel patiënten zich meer bewust worden van de mogelijkheden voor gezondheidszorg in andere lidstaten zal de mobiliteit wellicht beperkt blijven. Er kunnen enkele specifieke situaties zijn waarin mobiliteit nuttig is voor zowel de patiënten als voor de stelsels in het geheel aangezien de zorg sneller, efficiënter en doeltreffender wordt verstrekt, maar de overgrote meerderheid van de zorg zal binnen de nationale stelsels worden blijven verstrekt”. (einde citaat). Akte wordt dezerzijds uiteraard er al van genomen dat vastgesteld wordt dat er geen invloed van uitgaat of nu wel of geen toestemmingsvereiste wordt gehanteerd, en voorts er van, dat ten aanzien van het aandeel aan aldus gedane uitgaven, zelfs in de Lid-staat die ter zake het “hoogste” scoort, door de Commissie het standpunt wordt ingenomen dat dit onbeduidend is (hetgeen m.i. eveneens impliceert dat van de eerdergenoemde rechtvaardigingsgrond geen sprake kan zijn). Echter omdat de aangehaalde cijfers niet geheel up to date zijn, en niet te herleiden zijn tot een bepaalde Lid-staat, verzoek ik U mij inzage te verschaffen in de meest recente cijfers en aantallen in dit verband zoals die thans in Nederland voor wat betreft de Lid-staat Nederland bekend zijn. Mijn verzoek om inzage dient u op te vatten als een formeel verzoek in de zin van de Wet Openbaarheid van Bestuur. Ik wijs u in dat verband op de termijnen die gelden krachtens de Algemene Wet Bestuursrecht. Hoogachtend, Bijlage: Mededeling aan de leden EP nr.10/2004 Ik houd jullie op de hoogte Clipper |
| Ik begrijp het nog steeds niet. Kan iemand mij misschien deze polisvoorwaarde van Salland2010 uitleggen? Ik begrijp daaruit dat ik overal medisch noodzakelijke zorg kan krijgen. ******************************* Artikel 41 Buitenland 1. De in Nederland woonachtige verzekerde heeft recht op vergoeding van de kosten van de zorg, verleend door een zorgaanbieder buiten Nederland, op dezelfde voorwaarden als die welke gelden indien de zorg is verleend door een in Nederland gevestigde zorgaanbieder. 2. Als de verzekerde woonachtig is dan wel tijdelijk verblijft in een ander EU-land, EER-staat of verdragsland dan Nederland, heeft de verzekerde, naar keuze: a. aanspraak op vergoeding van de kosten van zorg door een zorgaanbieder die door Salland in het woonland dan wel het land van tijdelijk verblijf is gecontracteerd; b. aanspraak op zorg of vergoeding van de kosten van zorg volgens de bepalingen die in het woonland dan wel het land van tijdelijk verblijf van toepassing zijn op aldaar woonachtige dan wel tijdelijk verblijvende personen die verzekerd zijn ingevolge een sociale ziektekostenverzekering; c. aanspraak op vergoeding van kosten van zorg door een zorgaanbieder met wie Salland geen overeenkomst heeft gesloten, tot ten hoogste de kosten van de zorg, met inachtneming van artikel 29 en 39. 3. Het tweede lid is overeenkomstig van toepassing op verzekerden die in een ander EU-land, EER-staat of verdragsland wonen en die tijdelijk verblijven in Nederland of een ander EU-land, EER-staat of verdragsland. 4. De verzekerde die buiten Nederland woont dan wel tijdelijk verblijft buiten Nederland in een land dat geen EU-land, EER-staat of verdragsland is, heeft aanspraak op vergoeding van de kosten van zorg door een zorgaanbieder met wie Salland geen overeenkomst heeft gesloten, tot ten hoogste de kosten van de zorg, met inachtneming van artikel 29 en 39. Basisverzekering 19 5. Voor vergoeding van de kosten van niet-medisch-noodzakelijke intramurale zorg in een ander land dan het woonland dient de verzekerde vooraf schriftelijke toestemming van Salland te hebben verkregen. Onder medisch noodzakelijke zorg wordt hier verstaan onvoorziene zorg die redelijkerwijs niet kan worden uitgesteld tot na terugkeer in Nederland. 6. Ten aanzien van de vergoeding van kosten van zorg in het buitenland wordt, voor zover nog niet in de voorafgaande leden voorzien, toepassing gegeven aan EG-Verordening 1408/71 en daarvoor in aanmerking komende bepalingen van door Nederland gesloten internationale verdragen. Tip De regeling voor de vergoeding |
| Vorige discussie | Vandaag | Week | Maand | © Zorgwet.info |